Via de gemeente Rotterdam moest Hewan werk zoeken. Ze vertelt dat dit in het begin moeilijk voor haar was. “Alleen thuis zitten was niet goed voor mij. Niet gezond. Ik moest naar buiten. Dat was een beetje moeilijk voor mij. Ik ging werken. Ik moest het wel proberen.”
Inmiddels werkt ze al twee jaar bij House of Hope en dat bevalt haar goed. Als ik haar vraag of ze het leuk vindt om hier te werken, antwoordt ze enthousiast: “Ja, echt! Het is bijna familie voor me. Iedereen bij House of Hope is erg lief.”
Ze vertelt dat haar collega’s er altijd voor haar zijn. Bij House of Hope krijgt ze de ruimte om te oefenen met andere mensen en de Nederlandse taal te leren. “Ga maar proberen met mensen te praten. Dat is dé manier om Nederlands te leren!”
Als gastvrouw doet Hewan meer dan alleen mensen ontvangen. Ze helpt ook met schoonmaken en andere werkzaamheden. “Maar ik ben niet alleen gastvrouw. Ik maak ook schoon en als er weinig mensen zijn pak ik andere klusjes op.” Ook is Hewan er voor anderen. De vrouw die naast haar zit komt ook uit Eritrea en spreekt nog maar een paar woorden Nederlands. Haar helpt ze ook op weg.
Hewan laat zien dat het soms moeilijk kan zijn om in een nieuw land je weg te vinden en contact te maken met andere mensen. Toch blijft ze proberen, leert ze Nederlands en zet ze stap voor stap vooruitgang. Bij House of Hope heeft ze een plek gevonden waar ze zich gesteund voelt en waar ze zelf ook iets voor anderen kan betekenen.
Ze sluit af met: “Het is moeilijk. Maar het komt goed.”




